Na vertrek van de fijne camperplaats in Westhoek toog ik via een mooie route door Het Bildt naar Stiens voor een noodzakelijke aankoop. Daar zag ik ook een bakkerszaak waardoor de lekkere trek werd aangewakkerd. Ik kocht er een stuk oranjekoek, een typisch Friese lekkernij, dat ik na een korte rit op een mooi plekje aan de rand van het dorpje Finkum (Feinsum in het Fries) in het aangename zonnetje met smaak verorberde.


Bij Marrum staat aan de dijk een opvallend bouwwerk waarvan vooral het dak opvalt, dat enige gelijkenis vertoont met het pantser van een gordeldier. De Heining heet het gemaal, dat tevens een vispassage is en gebruik maakt van visvriendelijke vijzels.
Even verderop staat weer een wonderlijk bouwsel op de dijk. Het lijkt een klassieke tempel met zuilen en een met gras begroeid piramidevormig dak. Het is een kunstwerk van Ids Willemsma dat werd opgericht ter gelegenheid van het op Deltahoogte brengen van de Friese Waddendijk in 1993. Het wordt de tempel van Ids genoemd of simpelweg de Dijktempel.



De Terp fan de takomst (terp van de toekomst) is een land art object in de kwelder boven Blija. Het maakt deel uit van het Sense-of-Place project, een serie landschapskunstwerken langs de Waddenkust. Via een wandelpad van meer dan een kilometer bereik je de kunstmatige terp. Van verre zie je de constructie van dikke houten palen (bielzen) al staan; naarmate je dichterbij komt wordt de zuilengalerij steeds groter.
Als je eenmaal bij het werk bent voel je je nietig. Hoe groot het is ten opzichte van een mens, en hoe klein ten opzichte van de immense kwelder en de Waddenzee. Na een wandeling van opnieuw ruim een kilometer terug ben je een ervaring rijker, en geen illusie armer.




Bij Holwerd, waar de boot naar Ameland vertrekt, reed ik een stuk de ver buiten de kwelder stekende pier op, waar bij een kleine parkeerplaats een fraai beeld te zien was van de kwelder met het wad en in de verte de veerboot.

Op de Waddendijk, aan de voet van de pier, staat een fraaie sculptuur van twee immens grote vrouwfiguren, één voluptuous en één anorexisch dun. Wachten op hoog water heet het cortenstalen beeld van de hand van Jan Ketelaar. Ook dit werk maakt deel uit van het landschapskunstproject Sense-of-Place.


Vanuit Holwerd reed ik in tamelijk rechte lijn naar Anjum, of eigenlijk Oostmahorn, waarvandaan vroeger, heel vroeger, de boot naar Schiermonnikoog vertrok. Op de camperplaats bij jachthaven Lauwersmeer had ik een plaats gereserveerd.
Geen onaardige plek, in een kleine ronding aan de jachthaven. Jammer was de muziek vanaf het terras van het achter de camperplekken gelegen restaurant; het klonk voort tot ongeveer half twaalf.
Ik at in dat restaurant, dat om onduidelijke redenen Het Raadsel van de Wadden heet, een matig bereide schelvisfilet met bijlagen, gezeten op een wat weggemoffeld plekje op het terras. Niet echt een aanrader.


