Bei uns ist alles besser. Zeggen de Duitsers. Althans, dat denken de Hollanders. Het geldt in ieder geval voor de benzineprijzen. Die zijn net over de grens een stuk besser. Reden voor (weer eens) een dagtrip naar noord-Duitsland. Niet zozeer voor de goede prijs, maar voor de goede benzine: superplus 98. Officieel met maximaal 5% bio-ethanol, maar in de praktijk meestal geheel zonder.
Ik rij over rustige wegen naar Rhede. Daar tank ik en koop in een supermarkt wat artikelen die in Nederland niet verkrijgbaar zijn. Daarna rij ik richting Papenburg en vandaar in noordelijke richting. Het landschap is mooi. Opvallend hoeveel leger en rustieker het hier is in vergelijking met onze kant van de grens. Is hier dan toch alles besser?
Bij Amsdorf wil ik de Ems (Eems) oversteken, en dat gaat over een wel heel smalle brug. Het blijkt later de smalste autobrug van Europa te zijn. Ze zijn er trots op, de Duitsers. Bei uns is nicht alles großer. Maar als iets dan klein is, dan ook meteen het kleinste!

De toegang tot de brug is beperkt tot voertuigen met een maximale breedte van 1.80 meter. De bus meet 1.85, dus waag ik het erop. Ik zit bij het oprijden een fractie teveel naar rechts en merk dat mijn rechter voorband langs de stoeprand wringt. Een tel later krijgt mijn rechter buitenspiegel een tik van de brugconstructie. Hij klapt netjes naar binnen, en aan de overkant kan ik hem weer terugduwen. Geen schade.
Als ik uiteindelijk weer richting huis wil, moet ik opnieuw via de brug. Het lukt nu zonder een spiegel aan te tikken. Vervolgens rij ik een mooie route langs een zijriviertje van de Ems, de Leda.

Bij Leer is het druk vanwege een wegafsluiting. Ik ga de snelweg op en rij via de A7 weer naar Groningen.