Busweekend bij de Rijn (1)

Er was voor dit weekend mooi weer voorspeld, met ook ’s nachts relatief hoge temperaturen, dus dat kon wel eens de laatste kans zijn om met de bus te kamperen. Vanaf zondag zou het weer omslaan, zeiden de weerberichten.

De camperplaats aan de Rijn bij Tolkamer stond al lang op mijn wensenlijstje. Dat zou dus het doel worden van deze trip, althans voor de eerste overnachting. Het leek me verstandig daar niet te laat aan te komen, om nog een plaatsje te bemachtigen. Uiterlijk 4 uur arriveren was mijn doel, en daartoe wilde ik gisteren rond 12 uur vertrekken. Zoals gebruikelijk werd dat een dik uur later, en door een onvoorziene wegafsluiting moest ik een flinke omweg maken. Al met al kwam ik pas rond 5 uur in Tolkamer aan, en inderdaad, de camperplaats aan de Europakade was vol. Er waren alternatieven elders in Tolkamer, bij de jachthaven en bij een restaurant, maar dat vond ik teveel een echte camping. Ik had mijn zinnen gezet op een camperplaats direct aan de Rijn.

Vooraf had ik een plekje in Wageningen als mogelijke overnachtingsplaats geïdentificeerd, dus daar wilde ik naartoe. Toen ik de bestemming invoerde in mijn navigatie, en die aangaf dat de reistijd een uur zou bedragen, had ik al moeten twijfelen. Ik zou pas na zessen aankomen. Zouden dan niet ook daar alle plaatsen bezet zijn? Eerlijk gezegd twijfelde ik al wel een beetje, en die twijfel nam alleen maar toe toen ik zag dat ik twee keer met een pontje moest oversteken, maar ik duwde die weg, want ik wilde nu eenmaal aan de Rijn staan.

De overtocht over het Pannerdens Kanaal was al heel aardig, en ook de rit in het gebied tussen Waal en Rijn was bij wijlen aangenaam, maar de overtocht van de Rijn bij Wageningen was adembenemend mooi. Zacht strijklicht zette het pontje in warme kleuren en tijdens de overtocht zag ik tegen het diffuse zonlicht in een reiger en enkele kanoërs in de nevel op de Rijn. Magisch.

Na me door de historische straatjes van Wageningen te hebben gewrongen en een korte zoektocht langs de Rijndijk vond ik de camperplek. Die was vol.

Wat nu? Tja, er zat niets anders op dan naar de eerste de beste camping te gaan, en te accepteren dat het saai en suf zou zijn. Via de snelweg stak ik de Rijn terug over, en belandde – terwijl de duisternis inviel – in Heteren op camping Overbetuwe. En het was saai en suf, en smerig bovendien. Met ’s ochtends een ijskoude douche als bonus.

Omdat ik mijn zinnen nu eenmaal op de camperplaats in Tolkamer had gezet, reed ik vanochtend goeddeels dezelfde route als gisteravond in omgekeerde richting terug. Maar ook nu, rond het middaguur, was de camperplaats geheel bezet.

Ik parkeerde mijn busje naast de camperplaats, zoals meerdere camperaars al deden, en installeerde me op mijn stoel aan de oever van de Rijn. Bermtoerisme, maar dan met een rivier als snelweg. Bovendien zat ik er op die manier eigenlijk hetzelfde bij als wanneer ik wel een plekje op het camperterrein had weten te bemachtigen.

Zo zat ik heerlijk in het zonnetje, zette een kop koffie, bedacht dat het leven zo slecht nog niet was.

Inmiddels kwamen er allengs meer campers aanrijden, om te kijken of er een nog een plaats in de herberg voor hen was. Sommige daarvan parkeerden ook buiten de camperplaats langs de Rijn, andere reden onverrichter zake verder. Die zouden weleens een plaatsje op een van beide andere camperterreinen in Tolkamer kunnen zoeken, die daardoor ook vol zouden kunnen raken. Ik moest bedenken of ik daar nu wel wilde staan, en zo niet, wat het alternatief was. Ik besloot te gaan kijken, en als ik beide zou afkeuren, terug naar huis te rijden.

Jachthaven De Bijland beviel me niet, maar de locatie bij restaurant De Swaenebloem leek niet onaardig. Na wat gesteggel met personeel en eigenaresse over de plaats waar ik mocht staan, had ik eindelijk een overnachtingsplek aan de Rijn. Daarover morgen meer.

(zaterdag 13 oktober 2018)


Reacties zijn gesloten.

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag